The dirty secret van de elektriciteitsindustrie

PFAS is ineens in het nieuws, maar er is nog een andere fluorhoudende stof die aandacht behoeft: Het broeikasgas zwavelhexafluoride, SF6. Ruim 23.000 maal zo krachtig als CO2, en extreem stabiel met een verblijftijd in de natuur van meer dan 1000 jaar. Het wordt toegepast in schakelingen van ons hoogspanningsnet, vanwege de superieure elektrische eigenschappen.

Windmolens en zonnepanelen hebben een energiedichtheid die duizenden malen lager is dan die van fossiele en nucleaire elektriciteitscentrales. Daarom zijn er duizenden windmolens en zonneparken nodig om de bestaande centrales te vervangen. Dat vergt ook veel meer schakelingen in het elektriciteitsnet, en daarmee toepassing van SF6. De hoeveelheid SF6 die daardoor in de atmosfeer lekt is in de afgelopen tien jaar alarmerend gestegen. Er zijn echter geen normen voor, en SF6 komt in het klimaatakkoord niet voor.

De BBC noemde SF6 onlangs ‘the dirty secret’ van de elektriciteitsindustrie. Dit bevestigt mijn visie dat wij allerlei energieopties duurzaam en klimaatneutraal noemen zonder te weten of dat ook werkelijk zo is. Ik vraag mij af wat hierover in de milieueffect-rapportages (MER) van windmolenparken staat. Voor (drijvende) zonneparken is een MER opmerkelijk genoeg niet eens nodig.

Planbureau voor de Leefomgeving kraakt Klimaatakkoord

Er gebeurt niet genoeg om CO2 te reduceren, aldus het PBL. Dat komt omdat het kabinet dingen doet die weinig bijdragen, en dingen nalaat die veel bijdragen. Over twee maanden gaat de kolensectie van de Hemwegcentrale dicht, maar ik begrijp werkelijk niet waarom. Die centrale staat er niet voor niks, de mensen die daar werken produceren 24/7 een zeer schaars en waardevol economisch goed: 630 megawatt continu en betrouwbaar elektrisch vermogen.

Bij sluiting moet dat kostbare elektrische vermogen ergens anders vandaan komen. Niet van kerncentrales of zon- en windparken, want die zijn schaars en worden al benut. Dus komt het uit binnenlandse en buitenlandse fossiele centrales. Met een mix van bruinkool, steenkool en aardgas zou 1 megaton CO2 bespaard worden op de jaarlijkse 5 megaton van de Hemweg. Alleen volledige vervanging van 630 megawatt door aardgascentrales zou de becijferde 2 megaton CO2 besparen. Nederland stoot jaarlijks 160 megaton CO2 uit.

Intussen worden veel goedkopere en effectievere maatregelen nagelaten, zoals verlaging van de maximumsnelheid. Bizar genoeg staat dat onderwerp ineens wel op de agenda, vanwege de stikstofcrisis. Maar uiteindelijk maakt het niet uit waarom we naar 110 km per uur gaan, als het maar gebeurt. Dat bespaart naast stikstof, fijnstof, lawaai en verkeersdoden ook 3-4 megaton CO2 per jaar. Kosteloos.

Zonnepark verovert het water?

Het consortium Zon op Water wil met drijvende zonneparken 2000 megawattpiek gaan opwekken. Een bekende krant vermeldde dat onlangs abusievelijk als 2000 megawattuur, hetgeen tot absurde uitkomsten zou leiden. Alweer werden vermogen en energie door elkaar gehaspeld, en het kostte me enige moeite om de juiste toedracht te achterhalen.

Gemiddeld leveren zonnepanelen ongeveer 10% van hun piekvermogen. Die 2000 megawattpiek op water is dus door het jaar heen 200 megawatt. Dat is goed voor ruim 1% van onze nationale elektriciteitsbehoefte, en 0,2% van ons totale energieverbruik. Daarvoor zou op land geen ruimte meer zijn, en is 2000 hectare water nodig. Dat is zoiets als het Veerse Meer. Intussen vraag ik mij af of de kikkers, vissen, algen en planten onder die drijvende zonneparken zullen sterven door gebrek aan zonlicht. In dat geval zou de ‘verovering’ van het water neerkomen op ‘plundering’.

Het is zeker niet mijn doel om duurzame energie-initiatieven kapot te rekenen. Integendeel. Rekensommen zijn daarentegen wel essentieel om de verhoudingen in beeld te krijgen. En die verhoudingen kloppen tot nu toe niet. Dus blijf ik sommen maken en daarover schrijven, want zolang de verhoudingen niet kloppen schiet het niet op met de zo noodzakelijke reductie van fossiele brandstoffen.

Pleistoceen, holoceen, anthropoceen, symbioceen?

Drie miljoen jaar geleden koelde de aarde sterk af, en begon een periode van uitzonderlijke kou die nog altijd voortduurt. IJstijden en tussenijstijden wisselen elkaar af, en de temperatuur en zeespiegel op aarde liggen aanzienlijk lager dan voorheen. In die barre omstandigheden evolueerde de mens tot homo sapiens sapiens. De meest recente ijstijd, waarin de mammoet en de neanderthaler uitstierven, eindigde 12.000 jaar geleden. Dat was het einde van het Pleistoceen, en het begin van het huidige Holoceen waarin we op weg zijn naar de volgende ijstijd.

De afgelopen 50 jaar worden soms het anthropoceen genoemd. Dat is geen paleontologische term maar een sociaal-ecologische typering, die de overweldigende invloed van de mens op aarde benadrukt. Sinds wij onszelf op de maan hebben gezet zijn we letterlijk en figuurlijk boven de aarde uitgestegen, en drukken we steeds meer een stempel op onze planeet. Dat beperkt zich niet tot energie en klimaat, maar omvat alles wat mensen ondernemen.

Glenn Albrecht bepleit een onverwijlde transitie van het ecocidale anthropoceen naar een ecocentraal symbioceen. De kern hiervan is dat wijzelf deel zijn van de natuur, en dat schade aan de natuur dus schade aan onszelf is. Zo’n transitie vergt een ander sociaal, economisch en politiek systeem dan we nu hebben. Tijdens de Dutch Design Week besteden BioArt Laboratories hier aandacht aan.

Is E10 benzine wel goed voor het milieu?

Er is heel wat voor nodig om 10% bio-ethanol aan benzine toe te voegen. We verbruiken jaarlijks in Nederland 6 miljard liter benzine. Dat vergt dus 600 miljoen liter bio-ethanol. Daarvoor moet 6 miljard kilo suiker- en zetmeelrijk gewas worden vergist, zoals suikerbieten en aardappels. Om dat te verbouwen is jaarlijks ruim 100.000 hectare akkerland nodig. Dat is 13% van het totale Nederlandse akkerbouwareaal, en vergelijkbaar met het oppervlak van al onze 21 Nationale Parken bij elkaar.

Die 100.000 hectare, en de 6 miljard kilo voedzame gewassen die daar vanaf komen, zijn dan niet meer beschikbaar voor de voedselvoorziening. Dat is niet aanvaardbaar in een wereld waarin miljoenen mensen honger lijden. Dus moeten we ergens 100.000 hectare natuur opofferen, bijvoorbeeld Braziliaans regenwoud. Het komt mij eerlijk gezegd voor dat we met E10 benzine het paard achter de wagen spannen.

Vrijwel alle biobrandstoffen worden gemaakt van gewassen die met dat doel verbouwd zijn. Dat is in directie concurrentie met natuur en voedselvoorziening. Ik kom net als Milieudefensie en de Europese Koepel van Wetenschappers tot de conclusie dat biobrandstoffen niet duurzaam zijn, en zelfs helemaal geen CO2 besparen. Hoog tijd om deze controverse op de Haagse en Brusselse agenda te zetten.

“The time has come to say goodbye to single-use plastic”

Een revolutionaire uitspraak van premier Modi van India. Ik ben het lang niet altijd met hem eens, maar nu wel! Van alle verpakkingsmaterialen, koffiebekertjes, wattenstaafjes en boodschappentasjes komt een bepaald gedeelte uiteindelijk in het milieu terecht. Afvalscheiding, recycling en zwerfvuilopruimacties helpen wel, maar nemen het probleem niet weg. Het enige dat echt werkt is al dat plastic niet meer produceren.

Daar komt bij dat plastics van aardolie worden gemaakt. Aardolie als grondstof voor plastic-
fabricage vertegenwoordigt zelfs een significant deel van onze fossiele brandstofconsumptie. Ik vind dat we zo snel mogelijk toe moeten naar een totaalverbod op de productie en het gebruik van alle plastic voor eenmalig gebruik. Dat zal 5-10 jaar vergen, maar het is in mijn ogen de enige toekomstbestendige remedie tegen zwerfvuil, plastic soep en microbolletjes in diereningewanden.

Waarom zijn we in de afgelopen 30 jaar komkommers en paprika’s in plastic gaan wikkelen? Waarom zijn we elk koekje, kaasje en botertje apart gaan verpakken? Waarom hebben we bij een hotelontbijt al gauw meer plastic op ons bord dan voedsel? Laten we daar eens heel anders naar gaan kijken. Ik ben ervan overtuigd dat we dan duurzame alternatieven zullen vinden.

“Er moet nu echt wat gebeuren”

Greta Thunberg is naar New York gezeild, waar maandag de Climate Action Summit wordt gehouden. “Er moet nu echt wat gebeuren”, aldus initiatiefnemer en VN-baas António Guterres. Daar heeft hij gelijk in, want in weerwil van alle klimaatakkoorden heeft de mondiale CO2 uitstoot in 2018 een nieuwe recordhoogte bereikt. We praten er veel over, maar dat leidt nog niet tot effectieve politieke daden en collectieve gedragsverandering.

De wil lijkt er wel te zijn, er wordt komende week zelfs over de hele wereld gestaakt voor het klimaat. Maar als er op 27 september in Den Haag weer een plastic zee achterblijft ben ik daar eerlijk gezegd niet van onder de indruk. Het zou wat zijn als de demonstranten de stad brandschoon zouden achterlaten! Zolang we echter roepen wat anderen moeten doen maar zelf de simpelste milieuzorg achterwege laten vrees ik dat de door Guterres gewenste actie er niet komt.

Komende week verschijnt er een speciaal IPCC-rapport over oceanen en ijskappen. De uitkomsten daarvan zijn voorspelbaar: Het gaat niet goed, en er moet nu echt wat gebeuren. De kans dat New York in die zin iets concreets oplevert wordt klein geacht. Kennelijk is de wil er dan toch niet. Ik denk dat dat komt omdat we niet willen inleveren. En als we niet willen inleveren, willen we in feite geen energietransitie.

Laten we bewust ondeskundig zijn in energie

De natuurwetenschappelijke nonsens in het energiedebat is vaak tenenkrommend. Kilowatts en kilowatturen worden door elkaar gehaspeld, en de schaalgrootte van het energievraagstuk wordt gruwelijk onderschat. Het is niet erg dat velen geen verstand hebben van vermogen en energie, het helpt alleen niet dat zovelen dat niet beseffen (of niet erkennen). Laten we bewust ondeskundig zijn, dat verhoogt de kwaliteit van het publieke debat.

Nu prijzen economen CO2-opslag onder de Noordzee weer aan. Afgezien van het feit dat hiermee maar zo’n 5% van onze huidige CO2-emissie onder het tapijt kan worden geveegd is het een onzindelijk lapmiddel voor de korte termijn, waarvan de ecologische en geologische nadelen op de lange termijn onbekend zijn. Laten we liever aandacht besteden aan wetenschappelijke analyses, zoals die van hoogleraren Machiel Mulder en David Smeulders dat aardgasloze huishoudens niet tot minder nationaal aardgasverbruik zullen leiden.

Bill Gates slaat de spijker op zijn kop: “We need to bring math to the problem”. The Manhattan Institute voegt de daad bij het woord en formuleert 41 indringende Inconvenient Energy Realities. Deze zijn toegankelijk voor iedereen, en geven praktisch inzicht in de verhoudingen en de omvang van het energievraagstuk. Ze bevorderen ook bescheidenheid bij het doen van uitspraken over energie.

Galeien, galjoenen en containerschepen

De Romeinen hadden per schip honderden galeislaven nodig, de VOC tientallen zeillieden, en moderne rederijen nog maar enkele bemanningsleden. De stap van spierkracht naar windenergie was groot, en die van windenergie naar fossiele brandstoffen nog veel groter. Elk van deze technologische innovaties bracht enorme winst in termen van welzijn, betrouwbaarheid, veiligheid, snelheid en kosten.

Vandaag de dag is het ondenkbaar dat een containerschip, marineschip of cruiseschip zou zeilen (laat staan geroeid worden). De intrinsieke voordelen van dieselmotoren ten opzichte van windenenergie zijn te overweldigend. Dit geldt evenzeer voor directe windenergie (zeilen op het schip zelf) als voor indirecte (windmolens die batterijen opladen of waterstof produceren). De technologische progressie van het schip als minimaatschappij staat zo model voor onze gehele samenleving.

Er zijn heel goede redenen waarom we zeilen op schepen (en bijvoorbeeld ook windmolens bij gemalen) hebben vervangen door dieselaandrijving. Alleen de omvang en complexiteit van het tuigage van een 17e-eeuwse galjoen illustreren dit al. Laten we niet zomaar denken dat we deze enorme progressie van de mensheid binnen één generatie kunnen terugdraaien zonder verlies van de voordelen ervan.

Lagere energierekening dreigt loze belofte te worden

Dit komt door de Opslag Duurzame Energie (ODE) voor de gesubsidieerde omschakeling naar zonne- en windenergie, aldus het Financieel Dagblad. Dat lijkt me geen verrassing. Duurzame energie is intrinsiek duurder dan fossiele energie. Als dat niet zo zou zijn zou de vrije markt allang op duurzame energie zijn overgeschakeld. Dat is niet erg, het is alleen erg dat het niet open en eerlijk wordt gezegd.

Fossiele brandstoffen zijn tot in de volgende eeuw voorhanden. Hun energie-inhoud is zo extreem hoog dat alle andere energieopties (behalve uranium) erbij in het niet vallen. Een auto van 1500 kilo kan 20 km lang 120 km/u rijden op 1 liter benzine. Een vliegtuig kan genoeg kerosine optillen om 12 uur lang 900 km/u te vliegen van Amsterdam naar Tokio. Afgezien van kernenergie komt niets daarbij in de buurt.

De gunstige eigenschappen en lage kosten van fossiele brandstoffen maken het ontzettend moeilijk om ze te vervangen. Dat ontkennen maakt het alleen maar moeilijker. Ik vind het onverantwoord dat allerlei deskundigen en politici ons voorspiegelen dat duurzame energie straks goedkoop en overvloedig voorhanden zal zijn. Dat zet een rem op onze belangrijkste uitdaging: Ons energieverbruik halveren.